Home » Voedselsoevereiniteit » Voedselsoevereiniteit - Achtergrond » Hoe gaan we de wereld werkelijk voeden?

Hoe gaan we de wereld werkelijk voeden?

juni 2, 2013

Toespraak van Guus Geurts op 25 juni 2013 bij aanvang van de March Against Monsanto te Wageningen.

Ik wil het vooral hebben over de claim dat we GMO’s nodig hebben om de wereld te voeden. Ik ga hierop in van de product-technische kant en de economische – en handelskant. De product-technische kant en de nadelen van GMO’s zijn al uitstekend besproken door Tjerk Dalhuisen en Linda Coenen, dus hier zal ik wat minder aandacht aan besteden.

1. Product-technische analyse en alternatieven

Er is sprake van een botsing tussen twee wereldvisies in de landbouw:
* Een geglobaliseerde, industriële, reductionistische (alleen kg per hectare, (westerse) overconsumptie is een gegeven) en op concurrentiekracht gerichte landbouw;
* Een geregionaliseerde, ecologische, holistische (een geïntegreerde visie met aandacht voor mens, dier en natuur), rechtvaardige en solidaire landbouw.

Ik ben een aanhanger van de tweede benadering. Dit betekent ook dat je verder moet kijken dan alleen de product-technische kant. Wat dat betreft hebben GMO’s niet bijgedragen aan een hogere productie per hectare. Ook maken ze in bestuivingsgewassen als maïs, biologische landbouw onmogelijk.
Het enige ‘voordeel’ dat ze hebben is dat ze grootschalige monoculturen van exportgewassen als b.v. soja faciliteren. Er zijn minder bewerkingen van de gewassen nodig, zodat er nog maar twee personen per 1.000 hectare soja nodig zijn.  Dit veevoergewas heeft de productie van voedsel echter verdrongen. In Latijns Amerika wordt minder graan, melk, groente en fruit geteeld dan voor de sojaboom. Daarnaast worden kleine boeren en inheemse volkeren direct of indirect van hun grond verdreven en kunnen zo niet meer in hun eigen voedsel voorzien. Of hun gewassen worden bespoten met sproeivliegtuigen, wat leidt tot een lagere of geen productie en ziekten en geboorteafwijkingen onder de bevolking.

Medestanders
De IAASTD (International Assessment of Agricultural Knowledge Science and Technology) i een platform van meer dan 400 internationale wetenschappers, concludeerde een paar jaar geleden:
* ‘Als we doorgaan met Business as Usual dan zal de wereldbevolking de komende vijftig jaar niet gevoed worden. Het zal leiden tot meer milieudegradatie, en het gat tussen de haves en have-nots zal groter worden.
* Er moet meer waardering komen voor de kennis van kleinschalige ecologische boeren, en meer aandacht komen voor de positie van vrouwen. ‘Het bestrijden van honger, armoede en milieuvernietiging hangt af van hun verzekerde toegang tot land, water, zaden, markten, kapitaal en basisbehoeften (letterlijk: basic human rights).’
* Ecologische landbouwsystemen moeten ondersteund worden met publiek onderzoeksgeld en met publieke investeringen. Speciale aandacht moet geschonken worden aan het verminderen van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Regeringen dienen geen publiek geld meer stoppen in genetische manipulatie.
* De verschillende ecologische functies die de landbouw biedt moeten ondersteund worden door beleid, dat deze ecosysteemdiensten waardeert en beschermt. Er mogen geen overheidsprogramma’s en subsidies meer gestoken worden in een onduurzame landbouw die sterk afhankelijk is van inputs.
* Milieukosten moeten geïnternaliseerd worden in de prijs, via ecotaxen op fossiele brandstoffen, bestrijdingsmiddelen en watervervuiling.
* Ecologische landbouw moet een rol spelen in het voorkomen van klimaatverandering en is de beste manier om met de gevolgen hiervan om te gaan.
* Erkenning van de principes van het recht op voedsel en voedselsoevereiniteit, en dat deze principes met elkaar samenhangen.  Nationaal landbouwbeleid en internationale handelsverdragen moeten deze principes ondersteunen, niet ondermijnen. Hieruit blijkt duidelijk het uitgangspunt van de IAASTD om verder te kijken dan de product-technische kant van de landbouw en veel aandacht te besteden aan de relevante kennis van boeren, de rol van instituties, overheidsbeleid, markten en handel. Hoogleraren aan de WUR als Edith Lammerts van Bueren en de zojuist aangestelde hoogleraar Farming Systems Ecology, Pablo Tittonell, zitten op dezelfde meer ecologische lijn. Vandana Shiva zegt dat er twee tot drie maal hogere productie en inkomens mogelijk zijn bij ecologische teelt van veel gewassen door elkaar ten opzichte van industriële monoculturen. Olivier de Schutter, VN rapporteur van het recht op voedsel pleit ook voor agro-ecologie, en vindt dat de toegang van kleine boeren tot land en water cruciaal is.

Voedselsoevereiniteit kan de aarde afkoelen
De NGO Grain en de internationale boerenbeweging Via Campesina hebben een alternatief ontwikkeld ‘Food Sovereignty can cool down the earth’. Om deze ‘afkoeling’ te bereiken stellen zij een aantal drastische wijzigingen in de landbouw en voedselvoorziening voor. ii
* Door het terugbrengen van organische stof in de bodem, kan de uitstoot van broeikasgassen met 20 tot 35% verminderen.
* Als de intensieve veehouderij beëindigd wordt en dieren weer opgenomen worden binnen gemengde bedrijven, kunnen gesloten kringlopen van mest en mineralen ontstaan. Een verbeterd rantsoen aan runderen kan de methaanuitstoot sterk doen verminderen. De nu hoge uitstoot van methaan en N2O uit de bio-industrie zou sterk verminderd worden en de exportgerichte grootschalige teelt van veevoer zou onnodig worden. Het vervoer van bevroren vlees over lange afstanden stopt. Dit levert in totaal een besparing van 5 tot 9% op.
* Als voedsel vooral voor lokale markten wordt geproduceerd en als consumenten vooral vers voedsel kopen in het seizoen, dan zou het mondiale transport drastisch worden beperkt. Ook op lokale schaal kan het transport en de koeling van voedsel worden beperkt. Er zou minder voedsel industrieel verwerkt hoeven te worden waardoor minder (plastic) verpakkingen nodig zijn. Hiermee wordt 10 tot 12% bespaart.
* Tenslotte zou door het stoppen van de ontbossing voor de aanleg van veeteelt- en landbouwgrond voor monoculturen 15 tot 18% van de uitstoot worden bespaard. ‘De wereld heeft niet meer industriële plantages nodig maar een gediversificeerde landbouw in samenspel met bomen (agroforestry).’

Samenvattend kan volgens GRAIN en Via Campesina in totaal de helft tot drie kwart van de mondiale uitstoot van broeikasgassen worden beperkt door een ecologisch landbouwsysteem, gecombineerd met een geregionaliseerde voedselvoorziening. Daarnaast dient dan de consumptie van vlees te worden verminderd, grootschalige teelt van biobrandstofgewassen te worden  tegengegaan en alleen lokaal geteeld plantaardig materiaal binnen de biobased economy te worden gebruikt. Ook een decentrale duurzame energieopwekking behoort tot dit alternatief. ‘Als dit wordt gecombineerd met drastische energiebesparingen elders in de economie, wordt het doel van 0% uitstoot van broeikasgassen, en zelf het opslaan van de huidige broeikasgassen uit de atmosfeer mogelijk.’

2. Handels-, landbouw- en milieubeleid

Zojuist kwamen mooie alternatieven aan de orde, maar hoe hier te komen? Dat kan niet zonder een drastische wijziging van het huidige handels-, landbouw- en milieubeleid. De kant van de medaille die deskundigen als Fresco en Dijkhuizen buiten beschouwing laten. Vooral de huidige te vrije handel in landbouwproducten moet worden aangepakt. Deze vrijhandel leidt namelijk tot:
* Op de huidige vrije wereldmarkt gaan de natuurlijke hulpbronnen naar de hoogste bieder. Dus teelt van soja voor veevoer voor de westerse vleeseter en teelt van biobrandstoffen voor de westerse autorijder, krijgen prioriteit boven de lokale voedselbehoeften. Het beste land en de watervoorraden worden hiervoor ingezet. Europese telers van b.v. eiwitten en oliegewassen kunnen door het gebrek aan marktbescherming niet concurreren tegen soja en palmolie.
* Vooral in ontwikkelingslanden maar ook in Europa worden boeren gedwongen te produceren onder de kostprijs. Boeren kunnen zo niet investeren in het op de lange termijn produceren van duurzaam producten. Ontwikkelingslanden werden gedwongen door Wereldbank, IMF en de huidige WTO- en bilaterale en regionale vrijhandelsverdragen, (zoals EPA’s tussen de EU en ACP-landen) hun bescherming van de voedselmarkten op te geven. Ook voor de Europese boeren leiden deze vrijhandelsverdragen tot nadelen, omdat gegarandeerde prijzen werden verlaagd, deels gecompenseerd door subsidies. Ook buffervoorraden en productiebeheersing als melk- en suikerquotering worden afgebouwd. Dit leidt tot lage en onstabiele prijzen.
* De EU dreigt een vrijhandelsakkoord met de VS af te sluiten, waardoor er druk zal ontstaan om de wetgeving op teelt van GMO’s te versoepelen.

3. Alternatief

De volgende maatregelen kunnen wel leiden tot een meer ecologische- en rechtvaardige voedselvoorziening:
1. Zo groot mogelijke Europese zelfvoorziening van voedsel, veevoer, textiel, hout en energie, door het verhogen van importheffingen. Dus Europese teelt van eiwitgewassen als bonen, erwten, lupine en Europese soja in plaats van geïmporteerde soja, en teelt van koolzaad, olijf-, lijnzaad-, hennep-, zonnebloem- en olijfolie in plaatst van import van soja en palmolie. Hennep in plaats van katoen, agroforestry in plaats van import van (hard)hout.
2. Productiebeheersing van alle landbouwproducten in de EU, om overschotten en dumping te voorkomen.
3. Drastisch verhogen van de normen aan de boer op gebied van milieu en dierenwelzijn. Door de importheffingen kunnen handel en industrie immers niet meer de wereld afstropen naar goedkopere producten die niet aan deze normen voldoen.
4. Europese ecotaxen op fossiele brandstoffen, bestrijdingsmiddelen en kunstmest om te komen tot een zo ecologisch en lokaal mogelijke productie binnen de EU.
5. Aanpakken van de marktmacht van handel en industrie in de voedselketen, zodat het verschil tussen de prijs aan de boer en de consumentenprijs kleiner wordt.
6. Afschaffen van landbouwsubsidies aan de meerderheid van boeren, die zij kregen om prijsverlaging te compenseren.

4. Voordelen

1. Boeren in Europa en ontwikkelingslanden krijgen eerlijke en kostendekkende prijzen voor meer duurzame producten. Ze hebben dan ook geen subsidies meer nodig.
2. Door een regionale Europese productie onder strengere normen worden kringlopen gesloten en afhankelijkheid van fossiele brandstoffen.
4. Zo’n 35 miljard aan Europese landbouwsubsidies komt vrij voor stimulering van lokale ecologische landbouw en duurzame decentrale energieopwekking op het platteland. Boeren die extra groene diensten leveren op gebied van natuur en landschap en in minder productieve gebieden (natuurlijke handicaps) produceren krijgen hiervoor kostendekkend betaald.
5. Boeren in ontwikkelingslanden krijgen hun lokale markten en natuurlijke hulpbronnen terug voor hun eigen voedselproductie en voor hun stedelijke bevolking.
6. Toename in plaats van afname van werkgelegenheid onder boeren en verwerkende industrie en handel.
7. Energie- en voedselzekerheid in en buiten Europa.

5. Strategie – Wat te doen?

* Met dit alternatief zouden boerenorganisaties als de Nederlandse Melkveehouders Vakbond, de Nederlandse Akkerbouw Vakbond, bruggen kunnen slaan met milieu-, ontwikkelings- en dierenwelzijnsorganisaties, consumenten, vakbonden en het MKB dat zich richt op de lokale en regionale markt.
* Campagne tegen het vrijhandelsverdrag tussen de EU en de VS, om te voorkomen dat er lagere normen in plaats van hogere normen in de EU komen.
* Niet meer stemmen op politieke partijen die voor meer vrijhandel zijn (inclusief PvdA).Het lidmaatschap of donateurschap aan het Wereldnatuurfonds, Solidaridad en Stichting Natuur en Milieu opzeggen, met als reden dat zij de greenwashing van soja en palmolie via de ronde tafels als de RTRS en RSPO mogelijk maken. Overigens Oxfam Novib en Both Ends zitten ook in de RSPO.
Meer informatie:
Platform Aarde Boer Consument (Nederlands platform voor voedselsoevereiniteit) – http://www.aardeboerconsument.nl
Alternative Trade Mandate (Europees platform tegen de huidige neoliberale handelstrategie Trade Growth and World Affairs) – http://www.alternativetrademandate.org
Werkgroep Voedselrechtvaardigheid (Ondertekenen van de petitie voor voedselsoevereiniteit en klimaatrechtvaardigheid) – http://www.foodjustice.eu

Bedankt voor jullie aandacht!

Hoe gaan we de wereld werkelijk voeden?

Ik wil het vooral hebben over de claim dat we GMO’s nodig hebben om de wereld te voeden. Ik ga hierop in van de product-technische kant en de economische – en handelskant. De product-technische kant en de nadelen van GMO’s zijn al uitstekend besproken door Tjerk Dalhuisen en Linda Coenen, dus hier zal ik wat minder aandacht aan besteden.

  1. Product-technische analyse en alternatieven

Er is sprake van een botsing tussen twee wereldvisies in de landbouw:

  • Een globaliseerde, industriële, reductionistische (alleen kg per hectare, (westerse) overconsumptie is een gegeven) en op concurrentiekracht gerichte landbouw;

  • Een geregionaliseerde, ecologische, holistische (een geïntegreerde visie met aandacht voor mens, dier en natuur), rechtvaardige en solidaire landbouw.

Ik ben een aanhanger van de tweede benadering. Dit betekent ook dat je verder moet kijken dan alleen de product-technische kant. Wat dat betreft hebben GMO’s niet bijgedragen aan een hogere productie per hectare. Ook maken ze in bestuivingsgewassen als maïs, biologische landbouw onmogelijk.

Het enige ‘voordeel’ dat ze hebben is dat ze grootschalige monoculturen van exportgewassen als b.v. soja faciliteren. Er zijn minder bewerkingen van de gewassen nodig, zodat er nog maar twee personen per 1.000 hectare soja nodig zijn. Dit veevoergewas heeft de productie van voedsel echter verdrongen. In Latijns Amerika wordt minder graan, melk, groente en fruit geteeld dan voor de sojaboom. Daarnaast worden kleine boeren en inheemse volkeren direct of indirect van hun grond verdreven en kunnen zo niet meer in hun eigen voedsel voorzien. Of hun gewassen worden bespoten met sproeivliegtuigen, wat leidt tot een lagere of geen productie en ziekten en geboorteafwijkingen onder de bevolking.

Medestanders
De IAASTD (International Assessment of Agricultural Knowledge Science and Technology) ieen platform van meer dan 400 internationale wetenschappers, concludeerde een paar jaar geleden:

  • Als we doorgaan met Business as Usual dan zal de wereldbevolking de komende vijftig jaar niet gevoed worden. Het zal leiden tot meer milieudegradatie, en het gat tussen de haves en have-nots zal groter worden.

  • Er moet meer waardering komen voor de kennis van kleinschalige ecologische boeren, en meer aandacht komen voor de positie van vrouwen. ‘Het bestrijden van honger, armoede en milieuvernietiging hangt af van hun verzekerde toegang tot land, water, zaden, markten, kapitaal en basisbehoeften (letterlijk: basic human rights).’

  • Ecologische landbouwsystemen moeten ondersteund worden met publiek onderzoeksgeld en met publieke investeringen. Speciale aandacht moet geschonken worden aan het verminderen van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Regeringen dienen geen publiek geld meer stoppen in genetische manipulatie.

  • De verschillende ecologische functies die de landbouw biedt moeten ondersteund worden door beleid, dat deze ecosysteemdiensten waardeert en beschermt. Er mogen geen overheidsprogramma’s en subsidies meer gestoken worden in een onduurzame landbouw die sterk afhankelijk is van inputs.

  • Milieukosten moeten geïnternaliseerd worden in de prijs, via ecotaxen op fossiele brandstoffen, bestrijdingsmiddelen en watervervuiling.

  • Ecologische landbouw moet een rol spelen in het voorkomen van klimaatverandering en is de beste manier om met de gevolgen hiervan om te gaan.

  • Erkenning van de principes van het recht op voedsel en voedselsoevereiniteit, en dat deze principes met elkaar samenhangen. Nationaal landbouwbeleid en internationale handelsverdragen moeten deze principes ondersteunen, niet ondermijnen. Hieruit blijkt duidelijk het uitgangspunt van de IAASTD om verder te kijken dan de product-technische kant van de landbouw en veel aandacht te besteden aan de relevante kennis van boeren, de rol van instituties, overheidsbeleid, markten en handel. Hoogleraren aan de WUR als Edith Lammerts van Bueren en de zojuist aangestelde hoogleraar Farming Systems Ecology, Pablo Tittonell, zitten op dezelfde meer ecologische lijn. Vandana Shiva zegt dat er twee tot drie maal hogere productie en inkomens mogelijk zijn bij ecologische teelt van veel gewassen door elkaar ten opzichte van industriële monoculturen. Olivier de Schutter, VN rapporteur van het recht op voedsel pleit ook voor agro-ecologie, en vindt dat de toegang van kleine boeren tot land en water cruciaal is.

Voedselsoevereiniteit kan de aarde afkoelen

De NGO Grain en de internationale boerenbeweging Via Campesina hebben een alternatief ontwikkeld ‘Food Sovereignty can cool down the earth’. Om deze ‘afkoeling’ te bereiken stellen zij een aantal drastische wijzigingen in de landbouw en voedselvoorziening voor. ii

  • Door het terugbrengen van organische stof in de bodem, kan de uitstoot van broeikasgassen met 20 tot 35% verminderen.

  • Als de intensieve veehouderij beëindigd wordt en dieren weer opgenomen worden binnen gemengde bedrijven, kunnen gesloten kringlopen van mest en mineralen ontstaan. Een verbeterd rantsoen aan runderen kan de methaanuitstoot sterk doen verminderen. De nu hoge uitstoot van methaan en N2O uit de bio-industrie zou sterk verminderd worden en de exportgerichte grootschalige teelt van veevoer zou onnodig worden. Het vervoer van bevroren vlees over lange afstanden stopt. Dit levert in totaal een besparing van 5 tot 9% op.

  • Als voedsel vooral voor lokale markten wordt geproduceerd en als consumenten vooral vers voedsel kopen in het seizoen, dan zou het mondiale transport drastisch worden beperkt. Ook op lokale schaal kan het transport en de koeling van voedsel worden beperkt. Er zou minder voedsel industrieel verwerkt hoeven te worden waardoor minder (plastic) verpakkingen nodig zijn. Hiermee wordt 10 tot 12% bespaart.

  • Tenslotte zou door het stoppen van de ontbossing voor de aanleg van veeteelt- en landbouwgrond voor monoculturen 15 tot 18% van de uitstoot worden bespaard. ‘De wereld heeft niet meer industriële plantages nodig maar een gediversificeerde landbouw in samenspel met bomen (agroforestry).’

Samenvattend kan volgens GRAIN en Via Campesina in totaal de helft tot drie kwart van de mondiale uitstoot van broeikasgassen worden beperkt door een ecologisch landbouwsysteem, gecombineerd met een geregionaliseerde voedselvoorziening. Daarnaast dient dan de consumptie van vlees te worden verminderd, grootschalige teelt van biobrandstofgewassen te worden tegengegaan en alleen lokaal geteeld plantaardig materiaal binnen de biobased economy te worden gebruikt. Ook een decentrale duurzame energieopwekking behoort tot dit alternatief. ‘Als dit wordt gecombineerd met drastische energiebesparingen elders in de economie, wordt het doel van 0% uitstoot van broeikasgassen, en zelf het opslaan van de huidige broeikasgassen uit de atmosfeer mogelijk.’

  1. Handels-, landbouw- en milieubeleid

Zojuist kwamen mooie alternatieven aan de orde, maar hoe hier te komen? Dat kan niet zonder een drastische wijziging van het huidige handels-, landbouw- en milieubeleid. De kant van de medaille die deskundigen als Fresco en Dijkhuizen buiten beschouwing laten. Vooral de huidige te vrije handel in landbouwproducten moet worden aangepakt. Deze vrijhandel leidt namelijk tot:

  • Op de huidige vrije wereldmarkt gaan de natuurlijke hulpbronnen naar de hoogste bieder. Dus teelt van soja voor veevoer voor de westerse vleeseter en teelt van biobrandstoffen voor de westerse autorijder, krijgen prioriteit boven de lokale voedselbehoeften. Het beste land en de watervoorraden worden hiervoor ingezet. Europese telers van b.v. eiwitten en oliegewassen kunnen door het gebrek aan marktbescherming niet concurreren tegen soja en palmolie.

  • Vooral in ontwikkelingslanden maar ook in Europa worden boeren gedwongen te produceren onder de kostprijs. Boeren kunnen zo niet investeren in het op de lange termijn produceren van duurzaam producten. Ontwikkelingslanden werden gedwongen door Wereldbank, IMF en de huidige WTO- en bilaterale en regionale vrijhandelsverdragen, (zoals EPA’s tussen de EU en ACP-landen) hun bescherming van de voedselmarkten op te geven. Ook voor de Europese boeren leiden deze vrijhandelsverdragen tot nadelen, omdat gegarandeerde prijzen werden verlaagd, deels gecompenseerd door subsidies. Ook buffervoorraden en productiebeheersing als melk- en suikerquotering worden afgebouwd. Dit leidt tot lage en onstabiele prijzen.

  • De EU dreigt een vrijhandelsakkoord met de VS af te sluiten, waardoor er druk zal ontstaan om de wetgeving op teelt van GMO’s te versoepelen.

3. Alternatief

De volgende maatregelen kunnen wel leiden tot een meer ecologische- en rechtvaardige voedselvoorziening:

  • 1. Zo groot mogelijke Europese zelfvoorziening van voedsel, veevoer, textiel, hout en energie, door het verhogen van importheffingen. Dus Europese teelt van eiwitgewassen als bonen, erwten, lupine en Europese soja in plaats van geïmporteerde soja, en teelt van koolzaad, olijf-, lijnzaad-, hennep-, zonnebloem- en olijfolie in plaatst van import van soja en palmolie. Hennep in plaats van katoen, agroforestry in plaats van import van (hard)hout.

  • 2. Productiebeheersing van alle landbouwproducten in de EU, om overschotten en dumping te voorkomen.

  • 3. Drastisch verhogen van de normen aan de boer op gebied van milieu en dierenwelzijn. Door de importheffingen kunnen handel en industrie immers niet meer de wereld afstropen naar goedkopere producten die niet aan deze normen voldoen.

  • 4. Europese ecotaxen op fossiele brandstoffen, bestrijdingsmiddelen en kunstmest om te komen tot een zo ecologisch en lokaal mogelijke productie binnen de EU.

  • 5. Aanpakken van de marktmacht van handel en industrie in de voedselketen, zodat het verschil tussen de prijs aan de boer en de consumentenprijs kleiner wordt.

  • 6. Afschaffen van landbouwsubsidies aan de meerderheid van boeren, die zij kregen om prijsverlaging te compenseren.

4. Voordelen

  • 1. Boeren in Europa en ontwikkelingslanden krijgen eerlijke en kostendekkende prijzen voor meer duurzame producten. Ze hebben dan ook geen subsidies meer nodig.

  • 2. Door een regionale Europese productie onder strengere normen worden kringlopen gesloten en alle milieu- en dierenwelzijnskosten in de consumentenprijs geïnternaliseerd. Hij gaat hiervoor i.p.v. 15% van zijn inkomen 16% aan voedsel betalen.

  • 3. Sterke afname van Europese landbouw aan klimaatverandering en een sterk gedaalde afhankelijkheid van fossiele brandstoffen.

  • 4. Zo’n 35 miljard aan Europese landbouwsubsidies komt vrij voor stimulering van lokale ecologische landbouw en duurzame decentrale energieopwekking op het platteland. Boeren die extra groene diensten leveren op gebied van natuur en landschap en in minder productieve gebieden (natuurlijke handicaps) produceren krijgen hiervoor kostendekkend betaald.

  • 5. Boeren in ontwikkelingslanden krijgen hun lokale markten en natuurlijke hulpbronnen terug voor hun eigen voedselproductie en voor hun stedelijke bevolking.

  • 6. Toename in plaats van afname van werkgelegenheid onder boeren en verwerkende industrie en handel.

  • 7. Energie- en voedselzekerheid in en buiten Europa.

5. Strategie – Wat te doen?

  • Met dit alternatief zouden boerenorganisaties als de Nederlandse Melkveehouders Vakbond, de Nederlandse Akkerbouw Vakbond, bruggen kunnen slaan met milieu-, ontwikkelings- en dierenwelzijnsorganisaties, consumenten, vakbonden en het MKB dat zich richt op de lokale en regionale markt.

  • Campagne tegen het vrijhandelsverdrag tussen de EU en de VS, om te voorkomen dat er lagere normen in plaats van hogere normen in de EU komen.

  • Niet meer stemmen op politieke partijen die voor meer vrijhandel zijn (inclusief PvdA).Het lidmaatschap of donateurschap aan het Wereldnatuurfonds, Solidaridad en Stichting Natuur en Milieu opzeggen, met als reden dat zij de greenwashing van soja en palmolie via de ronde tafels als de RTRS en RSPO mogelijk maken. Overigens Oxfam Novib en Both Ends zitten ook in de RSPO.

  • Meer informatie:

    • Platform Aarde Boer Consument (Nederlands platform voor voedselsoevereiniteit) – www.aardeboerconsument.nl

    • Alternative Trade Mandate (Europees platform tegen de huidige neoliberale handelstrategie Trade Growth and World Affairs) – www.alternativetrademandate.org

    • Werkgroep Voedselrechtvaardigheid (Ondertekenen van de petitie voor voedselsoevereiniteit en klimaatrechtvaardigheid) – www.foodjustice.eu


Bedankt voor jullie aandacht!

Guus Geurts

i Een platform waarbinnen 400 wetenschappers, economen, maatschappelijke organisaties en bedrijven uit alle continenten samenwerkten. Het onderzoek werd georganiseerd door de Wereldbank en vijf VN-organisaties waaronder de FAO, en werd onderschreven door 58 landenExecutive Summary of the Synthesis Report, IAASTD, 2009, zie: http://www.agassessment.org/reports/IAASTD/EN/Agriculture%20at%20a%20Crossroads_Executive%20Summary%20of%20the%20Synthesis%20Report%20(English).pdf

iiThe climate crisis is a food crisis – Small farmers can cool the planet, GRAIN, October 2009, zie: http://www.grain.org/o/?id=93 en http://www.grain.org/o_files/climatecrisis-presentation-11-2009.pdf