» » » First GM maize fields for coexistence research?!

First GM maize fields for coexistence research?!

Geplaatst in: Gentech - Achtergrond | 0

Voor het eerst staan er gentech gewassen in Nederland op het veld, die toegelaten zijn om commerciëel geteeld te worden. Het betreft MON810, een produkt van biotech multinational Monsanto. Deze mais is een zogenaamde ‘BT-mais’, wat wil zeggen dat er een genconstruct is ingebouwd om zelf een insecticide (het ‘bt-gif’) tegen een schadelijk insect aan te maken. Het gaat om 6 velden in Nederland van ieder ongeveer 1 hectare. Sinds donderdag 22 juni, 2 maanden na inzaaiing zijn de precieze lokaties pas bekend gemaakt op de website van VROM.

In Nederland zijn door een aantal partijen afspraken gemaakt voor het telen van GGO-gewassen naast conventionele en biologische gewassen: het ‘co-existentie convenant’. Deze proef moet uitwijzen of de afgesproken isolatieafstand voor mais van 250 meter voldoende is om uitkruising (en dus contaminatie van niet-GGO gewassen met GGO-pollen) te voorkomen. De proef wordt uitgevoerd door het Wageningse Plant Research International (PRI) in opdracht van het ministerie van landbouw. De BT-mais staat nog meer dan andere gentech gewassen ter discussie in veel EU landen, onder andere vanwege dit hoge uitkruisingsrisico. Hongarije, Griekenland, Oostenrijk en Polen hebben deze mais al verboden.

MON810 en de bezwaren
Dit is een maisvarieteit, geproduceerd door gentechmultinational Monsanto, waarin het BT-gen ingebouwd is. Daarmee maakt het zijn eigen insecticide aan tegen de maisstengelboorder, een insect dat schade veroorzaakt aan mais. BT werd al door biologische boeren als insecticide gebruikt in spray-vorm. Maar dit is niet precies het zelfde als de BT die door de BT-mais wordt aangemaakt.

Het gaat igenlijk om 17 verschillende maisvariëteiten die allemaal deze manipulatie als kenmerk hebben. Deze 17 zijn de eerste gentech gewassen die door de Europese Commissie in de zogenaamde EU ‘common catalogue’ geplaatst zijn. Om commercieel verhandeld te mogen worden, moeten zaden in een speciale catalogus worden opgenomen. MON810 is al sinds 1998 goedgekeurd om in de EU geteeld te worden, maar stond alleen nog maar in Frankrijk en Spanje in zulke catalogi. Nu staan ze in de EU ‘common catalogue’, waardoor ze dus ook in de hele EU geteeld mogen worden. Overigens moet MON810 dit jaar volgens de EU regels opnieuw geevalueerd worden, en alleen als deze evaluatie positief is mag deze mais na 17 oktober nog verkocht worden.

MON810 werd nog onder de oude EU regelgeving goedgekeurd, waarbij een grondig onderzoek naar milieurisico’s niet gedaan werd, en zijn dus onbekend. Ook de lange termijn effecten op de gezondheid van mensen of dieren werd niet gedaan. Sinds de introductie van MON810 zijn er echter wel onderzoeken gedaan. Er zijn nog steeds veel onduidelijkheden, maar ook al concrete bewijzen van schadelijke effecten van BT-mais:

  • Minder vliegende insecten op BT maisvelden.
  • Het is nog onduidelijk wat de lange termijn gevolgen zijn voor de bodem, als het BT-gif zich ophoopt (o.a. schadelijk effect aangetoond bij wormen, die een essentiele rol vervullen voor het bodemleven)
  • Het is aangetoond dat BT-gif een jaar na de oogst van de BT-mais nog steeds in de bodem aangetoond kan worden.
  • De ‘target insecten’ kunnen resistentie ontwikkelen van resistentie tegen BT – gif. Er moeten non-BT zones ingericht worden om dit tegen te gaan, maar deze kunnen door uitkruising ook makkelijk weer BT worden. Bovendien lijken volgens onderzoek van INRA deze non-BT zones niet zo’n effectief middel tegen het ontwikkelen van resistente insecten. Resistentie bij deze insecten leidt weer tot de noodzaak van meer insecticide gebruik.Ook levert het schade aan de biologische methode, waarbij BT-spray gebruikt wordt om plagen te controleren.
  • MON810 (net als Bt176) kent onregelmatigheden in het originele DNA van de plant, als gevolg van het proces van genetische manipulatie, waardoor onbedoelde effecten kunnen optreden.

Meer gedetailleerde informatie is te vinden in:
Rapport over Bt-mais in Europa door Greenpeace International
Rapport Stop the Crop – ban the growing of Monsanto’s maize van Friends of the Earth Europe

Veiligheid van gentechvarianten
De Engelse overheid concludeerde vorig jaar na een herbeoordeling van de gegevens rond MON810 dat meer risicoevaluatie op zijn plaats zou zijn, en dat bepaalde basisinformatie rond het nieuwe genconstruct ontbrak.
Bij de beslssing of een gentechgewas toegelaten mag worden in de EU (voor teelt, consumptie of industrieel gebruik) weegt het advies van de EFSA (Europese Voedselveiligheid Autoriteit) zeer zwaar. De onafhankelijkheid (en daarmee zorgvuldigheid) van deze EFSA is onlangs zwaar onder vuur komen te liggen, zowel vanuit milieuorganisaties als vanuit de Europese Commissie. De oproep tot een herbeoordeling van MON810 van de Engelse overheid is dan ook niet verwonderlijk. De EFSA heeft beloofd in opdracht van de EC beter te gaan samenwerken met lidstaten.

Onmogelijke coexistentie in Spanje
Sinds 2003 wordt in Spanje MON810 geteeld, vanaf 2005 zelfs al 31 variëteiten met de MON810 ‘event’. In Aragon en Catalonië wordt de meeste gentech mais geteeld. Milieuorganisaties hebben uitgebreid onderzoek gedaan naar de contaminatie, en kwamen tot schokkende conclusies. Alle monsters die in Aragon genomen werden bevatten gentech-contaminatie, onder andere door uitkruising over grotere afstanden, en een totaal gebrek aan monitoring van de effecten op milieu en gezondheid. Gevolgen voor de betrokken boeren zijn desastreus: biologische mais kon niet meer als biologisch verkocht worden, lokale, unieke varianten zijn besmet, en de schade komt op het bordje van de getroffen boer, niet de zaadproducent of de gentechteler. Link naar het volledige rapport Impossible Coexistence van Greenpeace e.a.

Twijfels over de zinnigheid van het onderzoek

Alle EU staten moeten een systeem in het leven roepen om de teelt van ggo, niet-ggo en biologisch naast elkaar te regelen. Weinig landen hebben dit tot nu toe gedaan. In Nederland, naar goede poldertraditie, is gekozen voor een ‘convenant’, onderhandeld door een stuurgroep, waar onder andere LTO, Plantum NL (zaadbedrijven), Platform ABC (kritische boeren) en Biologica (biologische ketenorganisatie) in zaten.

De 6 proefvelden waar het nu om gaat moeten gegevens opleveren om te bepalen of de isolatieafstand van 250 m, zoals afgesproken in het Nederlandse ‘co-existentie convenant’, voldoende zijn om ggo-vrije maisteelt te beschermen tegen contaminatie met ggo-mais. In opdracht van LNV heeft Plant Research International (PRI) een onderzoeksvoorstel geschreven, waarin ze gebruik maken van gentech-maïs, MON810 dus.

Volgens de organisatie Biologica zou een proef om uitkruisingsafstanden te bepalen ook mogelijk moeten zijn zonder gebruik van gentech-mais. Uit de Biologica Nieuwsbrief van maart 2006: “Op verzoek van Biologica hebben onafhankelijke wetenschappers het PRI-voorstel én mogelijke alternatieven zonder ggo’s, bekeken. De wetenschappers stelden vast dat uit de PRI proef geen conclusies over de benodigde isolatie-afstanden getrokken kunnen worden. De proef zou hoogstens wetenschappelijk interessant zijn. Over de haalbaarheid van de alternatieven waren de meningen verdeeld. ..Biologica heeft duidelijk gemaakt dat ze niet met de proef instemt en er ook geen enkele verantwoordelijkheid voor zal dragen. Daarnaast hebben we bij LNV protest aangetekend en gevraagd het onderzoeksbudget, maar liefst 1 miljoen euro, te reserveren voor monitoring. Helaas heeft LNV besloten het onderzoek toch te financieren. Volgens het PRI zitten er geen biologische bedrijven in de buurt van de proef. Toch eist Biologica dat de onderzoekslocaties zo snel mogelijk openbaar worden gemaakt.” Lees hier de volledige reactie van Biologica op deze velden met gentechmais.

Geen gentech!
Het wereldwijde verzet van boeren, milieuorganisaties en bezorgde burgers tegen gentech, heeft vele redenen. Niet alleen de directe effecten van GMO’s op het ecosysteem (o.a. door uitkruising), maar ook de (nog grootschaliger en op monoculturen gerichte) landbouwsystemen die ze vaak stimuleren. En sociaal-economische redenen: de macht die een handvol multinationals nu al hebben over de wereldvoedselproductie wordt versterkt door de mogelijkheid GM gewassen te patenteren; en ook door de mogelijkheden die gentech biedt om voedsel- en andere gewassen aan te passen aan de wensen van de wereldvoedselconcerns. De film ‘The Future of Food’ geeft een indrukwekkend beeld hiervan (beschikbaar in Nederland). Friends of the Earth schreef “Who benefits from GM crops?”, een rapport over gentech en Monsanto.

Acties tegen deze proef met genetisch gemanupileerde mais

Greenpeace spinazie actie
Greenpeace is ook tegen deze gentechmaisvelden en eigenlijk tegen gentechlandbouw in het algemeen. Bij hen was al eerder een veld bekend en daar heeft Greenpeace op 3 mei 2006 spinazie ingezaaid in de hoop dat dit snelgroeiende gewas de mais zou overwoekeren. Op de greenpeace-site vind je een verklaring over deze actie.

Zaterdag 24 juni: Anti Gentech Speurtocht
Zie het verslag elders op deze site.

Zondag 9 juli: Fietstocht naar Nuth
Om de aandacht te vestigen op het gentechmaisveld in Nuth organiseerde het Universitair Milieuplatform Maastricht  er een fietstocht naartoe. Deelnemers werden getracteerd op thee, biokoek en informatie over het hoe en waarom van het veld. ‘s Avonds werd de film The Worm and the Corn – a GMO story bekeken in cinema Lumiere. Deze film laat zien hoe de situatie in Spanje is, en komt naar verwachting in het najaar uit op DVD.

Schrijfactie begin juni
Het ministerie VROM heeft de locaties van de ggo-maisvelden niet bekend gemaakt binnen de beloofde 30 dagen na zaaiing maar pas op 22 juni. Dit is 2 maanden na zaaiing. In reactie hierop riep YminY mensen op het hoofd van de afdeling waar dit biotechnologiebeleid wordt gemaakt (Straling, nucleaire en bioveiligheid van VROM) te mailen of te bellen om te protesteren tegen te lange deze geheimhouding. XminY: “Dit geeft een heel slecht voorbeeld waar het gaat om openbaarheid en transparantie waarvan men zegt dat men er zoveel waarde aan hecht. Deze geheimhouding is voor XminY onaanvaardbaar mede omdat hierdoor ook boeren in de omgeving van die velden absoluut niet weten waar ze aan toe zijn. Het ministerie kiest al jaren de kant van de industrie en het wordt de hoogste tijd dat daar een signaal tegen wordt afgegeven.”

Door Nina Holland en Linda Coenen